Viooltjes

Een paar dagen geleden heb ik het maartse viooltje ontdekt. Een beetje typisch voor mij -vrees ik- om de dingen altijd bijna te laat te ontdekken. De hele maand maart en zelfs al in februari stonden ze naar mij te lonken. In mijn ijver om morieljes te vinden, ging ik aan dit kleine wondertje voorbij. Toegegeven, het plukken is een karwei. Maar vanmorgen heb ik weer eens mist en regen getrotseerd en ben ik in regenpak in een wei gaan plukken. Een uurtje houd ik dat vol. En de gedachte dat ik op die manier wel eens “stoemelings” op een morielje zou kunnen stoten, helpt daarbij. Het resultaat is een bord vol prachtige kleur, en een snoepjesgeur waar je vrolijk van wordt. Van die bloemetjes maak ik straks confituur. En die morielje, die vind ik nog wel.

DSCN3174

Voorjaarspronkridder

Er zijn van die dagen dat alles tegenzit en er zijn van die dagen dat je het ene cadeau na het andere krijgt. Het goede nieuws van de burgemeester gaf me zoveel energie dat ik mijn regenjas aantrok, mist en regen trotseerde en naar het “einde van de wereld” wandelde. Dat is de plaats waar de weg die door het dorp gaat, uiteindelijk doodloopt. Er is een hek, waarachter het “parc à moutons” begint. Voor dat hek is een groot grasveld en daar vond ik een enorme heksenkring. Mijn paddenstoelenstudie tijdens de afgelopen lange winteravonden begint vruchten af te werpen. Ik vermoedde dat het een voorjaarspronkridderzwam was en nam er eentje mee. Boeken en internet geraadpleegd, en ja, het leek er toch wel op. Spannend, want de Tricholome De Saint Georges schijnt een bijzonder lekkere paddenstoel te zijn.

Voor alle zekerheid zou ik het toch maar aan mevrouw C gaan vragen, de paddenstoelenautoriteit in het dorp. Ze kende de soort niet, maar ze ging meteen kijken in haar boeken en ook op het internet. Ze denkt dat ik het bij het rechte eind heb, maar ook zij is niet 100% zeker. Best uitsluitsel gaan vragen in de apotheek, zei ze. En dat ga ik ook doen. Eerst een paar jongere exemplaren gaan halen.

Onderweg naar de familie C, kwam ik een andere dorpsgenoot tegen. Een jongeman, die samen met zijn vrienden ook nog maar een half jaar in het dorp woont. Hij vroeg of ik al een tuin had. Want indien niet, mag ik een deel van hun grond gebruiken. We zouden dan samen een groentetuin kunnen opstarten deze lente, zei hij. Eh bien, ça bouge à Glorianes.

Zonnestraaltje

Geen nieuws, goed nieuws, het geldt niet voor mij. Geen nieuws, geen goed nieuws, is het eerder. Daarom is het nog geen slecht nieuws. Het weer is hier, zoals in de rest van Europa, eerder teleurstellend. Minder koud dan in het noorden, maar vooral grijs. Het bos nodigt niet uit. Het werk aan mijn minituintje blijft liggen. Mijn zaailingen komen zelfs binnenshuis maar haperend boven de grond kijken. De spinazie- en veldslascheutjes rekken zich bijna pijnlijk naar het grijze licht dat door de kleine ramen spaarzaam naar binnen komt. De lente kondigt zich aan als een lange oefening in geduld. Drie keer per dag kijk ik naar het weerbericht, er komt weinig schot in.

Maar vandaag kwam er toch een zonnestraaltje, geleverd door niemand minder dan de burgemeester. Hij vertelde me dat mijn afvoerprobleem mee opgenomen wordt in een grotere gemeentelijke studie. Hij heeft zelf een oplossing in gedachten, maar ze zal tijd en diplomatie vragen. Tijd heb ik genoeg. En nu maar hopen dat de diplomatie haar werk doet.

DSCN3131

Dit wordt mijn “potager en carré”, bovenop de beerput, die voorlopig dicht mag blijven. Oef.

Ah non!

Zondagavond hadden we de langverwachte stichtingsvergadering van de nieuwe vereniging in het dorp. Het was best gezellig met een hapje en een drankje achteraf. Dit om alvast de toon te zetten, want er waren heel wat voorstellen voor feestjes, kookwedstrijden, proeverijen enzovoort. Ik had zelf ook een wenslijstje. Mijn eerste voorstel om één keer per maand samen een wandeltocht te maken had het meeste succes. Samen wilde kruiden gaan plukken, was wat minder. Op mijn vraag om samen “à la ceuillette de champignons” gaan, werd hevig gereageerd. Ah non! Geen sprake van! De champignonpluk blijkt een zeer gevoelig onderwerp te zijn. Ieder voor zich en niks voor een ander, is de leuze. En naar men zegt heeft het geen enkele zin om andere plukkers stiekem te volgen, want die misleiden je door omwegen te maken.

Bon, de morilles en girolles zal ik zelf moeten vinden. Op een uitdaging meer of minder komt het nu niet meer aan. Na deze lange, koude winter ben ik al wat gehard.

Rijstpap

Het is berekoud. Ik wil niet zeuren want ik weet dat het in het noorden ook erg koud is. Ik draag vele laagjes en ik moedig de kachel aan met gesprokkelde stokjes. Af en toe begrijpt hij mij en laait enthousiast op, maar de wind waait binnen door 100 kleine kieren en echt behaaglijk krijg ik het niet. Om mezelf te troosten en mijn behoefte aan extra calorieën te bevredigen, heb ik een keteltje rijstpap op de kachel staan. Het recept zet ik nog wel eens op mijn kookblog. Het ruikt hier nu heerlijk naar vanille uit Madagaskar en saffraan uit dit eigenste dorp. De vanille kreeg ik van de rechterburen, want die hebben een optrekje in Madagaskar. Maandag vetrekken ze alweer. Het schijnt daar altijd dertig graden te zijn. De saffraan kocht ik van mijn linkerburen. Zij zijn dit jaar met een kleine plantage gestart en ik kocht 0,3 gram want saffraan is duur. Niet verbazend als ik zie hoe arbeidsintensief dat is.

Laten die buren nu net aartsvijanden van elkaar zijn. En dat is niet eens overdreven. Ze moesten eens weten dat ze samen in mijn keteltje pruttelen. Misschien breng ik hen wel een potje. Je weet maar nooit wat voor effecten dat dat heeft.

Serrabone

Als tweede op mijn lijstje van monumenten waar ik graag zou werken, staat de Prieuré de Serrabone. Weer een priorij, maar net als in die van Marcevol wonen er al lang geen religieuzen meer. De Romaanse kerk en haar bijgebouwen liggen op een naburige berg. Niet eens zo ver in vogelvlucht, maar omdat ik eerst onze berg af moet en daarna de andere weer op, ben ik algauw drie kwartier onderweg.

Ik vertrok met niet al te veel enthousiasme. Ik had al niet veel energie en ik bedacht dat het nogal straf zou zijn als ik daar ook meteen een veelbelovend contact zou hebben. Onderweg begon het dan nog te regenen en ik zag me daar al half doorweekt aankomen, want meestal moet je de auto op een parking laten staan en het laatste stukje van de klim te voet doen. Maar de regen hield zich in en het stukje wandelen viel best mee.

De priorij ligt wondermooi op de top van een berg en is omgeven door een zalige kruidentuin en een uitgestrekt wandelpark. Echt iets voor mij.

Ik herhaalde mijn trucje van de vorige keer en ik viel meteen met de deur in huis. Ik woon op de berg hiernaast en ik zoek werk, zei ik aan de dame die aan het onthaal zat. Ik verwachtte weer iets in de trant van “we hebben al een ploeg”, maar ze antwoordde dat ik me tot de Conseil General – een soort provinciebestuur- moest wenden en dat ik me best haastte want dat de aanwervingen volop bezig waren. Ze gaf me een briefje met de naam van de verantwoordelijke en haar telefoonnummer. Dat was weer meer dan ik verwacht had.

Blijkbaar vertrek ik met de verkeerde veronderstelling, namelijk dat er sowieso te weinig vacatures zijn en dat ik pas als allerlaatste in aanmerking kom. Ze vertelde me wel dat de enige jobs die er zijn, gidsen zijn. Lijkt me leuk, maar toch een beetje een uitdaging. Enfin, ik ga het gewoon proberen.

DSCN3121

Muziek

Als ik wil dat er iets bougeert, dan moet ik uit mijn kot komen. Dat is vandaag nog eens gebleken. Ik ging met een klein vraagje langs bij een dorpsgenote en ik kwam met een heleboel informatie terug.

Céline en Andrej zijn een jong koppel die intussen drie jaar in Glorianes wonen. Maar Céline groeide hier ooit op en na wat omzwervingen kwam ze terug naar Glorianes en betrok er het huis van haar overleden vader.

Toen ik er aankwam, stond een deel van dat huis onder water en ik kreeg meteen een steelpan om mee te scheppen. Na een half uurtje was de bodem van de kamer weer zichtbaar en ik werd uitgenodigd voor de thee.

Heb je mijn briefje gekregen? vroeg Céline. Briefje? Ik kreeg een paar dagen geleden een dikke brief, geprint op gemeentelijk briefpapier, met een uitnodiging voor een oprichtingsvergadering van een gemeentelijke vereniging. In de brief stond vooral vermeld wat niet het doel van de vereniging was en een klein beetje wat dan wel het doel was. De brief was niet ondertekend, en nu pas begreep ik dat de brief van Céline kwam.

Het doel van de vereniging is om dingen samen te gaan doen en om de mensen van Glorianes meer met elkaar in contact te brengen. Geen feestelijkheden, of manifestaties voor het grote publiek, maar nuttige activiteiten waar we allemaal beter van worden. Zo bestaat er een oude wet die toelaat dat de bewoners van een gemeente dood hout gaan kappen op gemeentelijke grond. We zouden dat samen kunnen doen, zegt Céline. En we kunnen samen plantgoed aankopen. En dingen leren van elkaar …

Het klinkt als muziek in mijn oren. Natuurlijk ga ik naar die vergadering. 17 maart, nog 10 dagen.

Pluja

Soms luister ik naar Arrels, de Catalaanse radiozender. Met mijn mondvol Frans en wat resten Spaans en Italiaans lukt het mij om hier en daar wat flarden te verstaan. Van de nieuwsberichten begrijp ik meestal waarover ze gaan, maar de details ontsnappen mij. Hetzelfde met het weerbericht. Gisteren was het anders heel duidelijk: Pluja, pluja, pluja, zei de Catalaanse Sabine Hagedoren. Op dat moment reed ik de berg op en was de pluja al begonnen. Bij het uitladen van de boodschappen was ik meteen doornat en sindsdien heb ik mij verschanst in mijn huis en kom ik enkel nog de deur uit om hout aan te voeren.

Ik herinner mij dat de winter in oktober begon met een heel weekend stromende regen. Misschien is dit wel de afsluiter? Ik hoop het. Méteo France geeft hoop. Vanmorgen voorspelden ze nog drie dagen van hetzelfde. Nu hebben ze er al een dag afgeknipt. Donderdag zou de zon willen schijnen.

In België en Nederland schijnt het mooi weer te zijn. Fijn voor jullie.

DSCN3102

Nood & deugd

Laat ik het maar bekennen: Vorige week zat ik een paar dagen in zak en as omdat ik bericht kreeg dat ik een groot bedrag moet investeren in het afvoersysteem van mijn huisje. Dit is een verplichte operatie sinds de milieunormen zijn verstrengd en het komt extra duur uit omdat ik geen eigen terrein heb, waarop het afvalwater gezuiverd kan worden.

Nadat ik van de schok bekomen was, begreep ik dat er niets anders opzat dan in een iets hogere versnelling naar werk te gaan zoeken. Ik stelde een “plan de campagne” op, dacht zeer diep en lang na over wat voor werk ik wil doen en vooral waar ik zou willen werken, want de kilometers duren hier langer dan in België.

En vanmorgen ging ik voor de eerste keer op pad. Ik had drie adressen in gedachten. Het eerste was de toeristische dienst van Vinça. Dat stadje is zo klein en schijnbaar onbeduidend dat je er niet eens zo’n dienst verwacht, laat staan dat hij open is op een donderdag in het laagseizoen. De dame die het kantoor bemande, kon me weinig nieuws vertellen, maar ze bevestigde dat mijn plan een goed plan was. En daar was ik al heel blij mee. Ze gaf me nog een regiokaart en een adresboekje met de bezienswaardigheden in de omgeving mee en wenste me veel succes.

Daarna reed ik richting Arboussols naar het dichtstbijgelegen monument: de prieuré de Marcevol, een Romaans klooster met zicht op de Canigou. In het klooster wonen geen geestelijken meer, het is nu een bezienswaardigheid en een bescheiden cultureel centrum, waar groepen kunnen overnachten.

Het klooster zag er gesloten uit. Overal stonden brandweerwagens, en in de kerk stonden tenten opgesteld. Ik liep rond het gebouw en ik zag iemand in de keuken. Verbaasd over mijn eigen stoutmoedigheid, vroeg ik of er soms iemand van de directie aanwezig was. En ja hoor, een brandweerman bracht me naar het kantoor van de directrice.

Daar vertelde ik in drie woorden wat ik zocht. De dame luisterde aandachtig, maar antwoordde dat ze al een équipe had. Ze klonk niet echt afwijzend, eerder een beetje spijtig. Maar misschien hebt u wel eens vervanging nodig, zei ik, en ik legde kort uit hoe polyvalent, flexibel en gemotiveerd ik wel was.

Het derde adres heb ik vandaag niet meer gedaan. Ik was te gehaast om naar huis te gaan en alvast te beginnen om op haar uitnodiging in te gaan en een mail met mijn gegevens te sturen. In mijn handtas zat haar kaartje, dat van de enige en echte directrice van de fondation du prieuré. Ik reed zingend langs een prachtige bergpas naar huis. Zo’n bemoedigend resultaat op de eerste dag van mijn queeste had ik niet verwacht. Wordt vervolgd.

DSCN3070

Naschrift

Als ik alleen vertel wat ik gedaan heb, is het eigenlijk maar een saaie boel, bedenk ik nu. Laat ik dus ook maar vertellen wat ik gisteren niet gedaan heb.

Ik heb geen enkele foto genomen, gewoon omdat ik mijn fototoestel vergeten was. Zo heb ik iets niet gefotografeerd: een zwarte handtas op de grote witte trap naar de uitgestrekte en akelig lege parking van het Palais des Expositions. Het was een grote handtas en er zat van alles in. Dat kon ik zien. Er stak een stukje rode stof uit. Maar ik heb ze niet alleen niet gefotografeerd, ik heb ze niet meegenomen, zelfs niet aangeraakt. Ik durfde niet! Ik durfde er zelfs niet te lang naar te kijken. Wat een schrikkepuit ben ik toch. Ik vroeg me nog even af of ik de politie moest bellen, maar toen voelde ik me nog belachelijker. En nu zit ik me hier af te vragen wat er in die tas zat en van wie ze was en wie ze uiteindelijk zal aangeraakt of meegenomen hebben.

Ook heb ik een mooie rode cardigan niet gekocht, al kreeg ik zeventig procent korting als ik er twee kocht. Maar ik heb er geen twee nodig, dus kocht ik helemaal niets. In plaats daarvan heb ik naar een mevrouw geluisterd die me uitlegde dat ze zo klein en zo mager was omdat ze in de oorlog honger had geleden.

Tenslotte heb ik niet-niet een citroenboompje gekocht. Wel dus. Het had niet moeten zijn, want het kon niet echt van mijn budget en bovendien zijn citrusvruchten niet geschikt om op een berg te planten. Ik heb het boompje op de binnenplaats gezet en het beloofd dat ik het tegen de kou zal beschermen. Straks zal ik er een foto van nemen.

DSCN3057