Coincé 2

Voor de tweede keer deze week zit ik vast op de berg, zonder auto.
Dat ik niet naar beneden kan, vind ik niet eens erg. Voorraad genoeg.
Dat ik extra kosten heb, is even lastig, extra rekenwerk, maar er is gewoon niets aan te doen, behalve te aanvaarden dat het zo is. Zoals ik al zei, voorraad genoeg, voorlopig lijd ik geen honger.
En toch word ik van de hele toestand een beetje somber.
Of zijn het de donkere dagen? De koude wind die rond het huis jaagt? De natuur die er dor en gekreukt bij ligt?
Is dit de tijd van het jaar waarin we gedwongen worden stil te staan, achteruit en vooruit te kijken voor we verder gaan?

Coincé

We zouden een dag of twee naar Spanje gaan, mijn zus en ik. Dat hadden we al een hele tijd geleden afgesproken. Ze is onderweg van Michigan naar India en maakt een tussenstop in Frankrijk. We zouden naar Vic rijden en overnachten in het leuke stationshotel daar. ’s Avonds zouden we tapas en fideuà of paella gaan eten en de volgende dag zouden we in het oude centrum op verkenning gaan. Het had ook Puigcerda kunnen zijn, met Le Train Jaune door de Pyreneeën of met de bus van 1 euro tot de grens. O wat hadden we daar allebei zin in.
Maar ergens tussen Perpignan en Vinça, op weg naar eerst een nachtje Glorianes, begaf de embrayage het. Gelukkig waren we niet al te ver van de garage. We werden opgehaald door mijnheer Chapelle die mijn Fiatje in een wip op zijn supersonische dépanneuse takelde. Wij mochten binnen zitten en konden meekijken op een schermpje.
‘Dat is nog eens gerief,’ zei ik tegen die vriendelijke mijnheer. Met een garagist kun je maar beter goed staan.
‘Oui, c’est mon dernier jouet,’ antwoordde hij geflatteerd. Ik vroeg me af wat voor speelgoed hij nog in zijn garage had.
Toen mijn autootje in de werkplaats op de brug stond, werd meteen duidelijk dat we niet naar Spanje konden, zelfs niet naar Glorianes. De verzekeringsmaatschappij was zo vriendelijk om een taxi te sturen die ons de berg op bracht.
En hier zitten we nu, op de berg, zonder auto. Met maar de helft van de boodschappen die ik nog wou doen. We zullen zuinig moeten zijn met boter, koffie en wijn.
Gelukkig hebben we boeken, schriften en pennen, en het internet. Dat is ons speelgoed.

Water

Terwijl ik in A was, is de natuur hier tekeer gegaan. Alle felgele bladeren van de vijgenboom zijn weg. De bodem ziet er gespoeld uit. De laatste appeltjes van de dorpsappelboom zijn gevallen. Van de hellingen stromen riviertjes. Het water lijkt gehaast om de berg af te komen.

Het mooiste is het geluid: het geruis van dat water dat je overal kan horen.

DSCN4841 DSCN4850 DSCN4853

Late herfst

Vanmorgen nog even naar de kleuren gekeken, voor ik alles voor een weekje achterlaat. Daarna zal het weer anders zijn. Wat niet op de foto’s staat: irissen, goudbloemen, valeriaan, bloemen die bij de lente horen en er nu nog staan. Ik herinner me dat ik ook in het vroege voorjaar van die bloemen foto’s nam. Omdat ze voor hun tijd waren. En nu zijn ze laat. Toch wel verontrustend.
DSCN4815

DSCN4819

DSCN4821

DSCN4822

Nieuwe blog

Wees gerust, deze blog blijft nog een tijdje lopen. Er komen nog gemeenteraden, culturele evenementen, feestjes en apéros, petanquetoernooien, avonturen in de bossen, paddestoelen, onderlinge geschillen, grote en kleine beslissingen en mogelijk een invasie van een hotelconcern in ons geliefde dorp. Voorlopig ben ik niet uitgeblogd.

Af en toe schrijf ik ook andere dingen: kortverhalen, flitsverhalen, zeer korte verhalen, L-verhalen en gedichten. Die ben ik nu aan het verzamelen op een aparte blog om ze netjes bij elkaar te hebben, om er mee bij uitgevers te gaan leuren en voor wie het leuk vindt om af en toe wat nieuwe proza en poëzie van mij te lezen.

Er staat al wat recent werk op. De komende weken zal ik verder aanvullen met teksten die ik dit jaar geschreven heb en hopelijk blijft de inspiratie stromen en kan ik in 2015 aanvullen met spiksplinternieuw werk.

Abonneren kan al, reageren ook. Ontdek hem hier.

La Fabrica

Wie denkt dat ik op mijn berg verstoken blijf van cultuur, vergist zich. Ik geef toe dat ik het overweldigende Antwerpse aanbod wel eens mis. Het aanbod mis ik, het overweldigende wat minder.
Hier in het dorp gebeurt ook al eens wat en als secretaresse van onze vereniging, ben ik al aan het nadenken over de programmering van 2015. Wat ik alvast ga voorstellen: een presentatie van het beroep van ‘éleveur’ door onze schapenhoudster of de koeienboer, een informatieavond over de jacht, een initiatie in de Catalaanse taal.
De mogelijkheden zijn beperkt, maar in Ille-sur-Têt, op ongeveer 15 km bochten van hier, heb ik een heus cultureel centrum ontdekt, geleid door de zeer dynamische Vlaamse Chantal. La Fabrica is gevestigd in een prachtig gerestaureerd gedeelte van de oude stadswallen, heeft een mooi theaterzaaltje en een gezellige ontvangstruimte. Er lopen verschillende ateliers voor kinderen en volwassenen. Helaas is het aanbod wat uitgedund als gevolg van besparingen, verlaagde subsidies en verminderde koopkracht.
Zo is het ‘atelier de chant’ tot mijn grote spijt afgeschaft en zit er nu niets anders op dan het ‘atelier de danse’ te volgen. Nooit gedacht dat ik daar nog zou mee beginnen. Maar het valt best mee, ik ben niet te stijf na een avondje springen en rekken.
La Fabrica organiseert bovendien regelmatig muziek- en theatervoorstellingen. Binnenkort is er zelfs een dîner spectacle. Een cabaret waarvan ik waarschijnlijk maar de helft zal verstaan. Maar ik ga er toch naartoe.

panorama_zoom

Extinction

Bij wijze van luisteroefening ben ik gisteravond nog eens naar de gemeenteraad geweest. Mijn Frans is intussen goed genoeg om mijn weg te vinden in de administratie, om boodschappen te doen, inlichtingen te vragen, telefoontjes te plegen, mails te sturen en een redelijk gesprek te voeren. Maar soms kost het moeite om alles te verstaan. Vooral als er snel gepraat wordt, met een sterk Catalaans accent en zeker als de toon wat plat wordt. Daarvoor moet je dus in het gemeentehuis zijn, waar de gemeenteraadsleden, vooral boeren en tuinders, onder leiding van onderwijzeres Céline, het dorp erop vooruit willen doen gaan.
Het punt dat gisteravond voor de heftigste discussie zorgde, stond niet eens op de agenda. Het viel onder ‘questions divers’. Het ging over de dorpsverlichting (zestien lantaarnpalen) die de hele nacht blijft branden. Er gaan stemmen op om de lampen te doven tussen 23.00u en 06.00u (of 24.00u en 05.00u). Een schriftelijke bevraging van de bevolking brengt de verdeeldheid daarover aan het licht:
11 stemmen voor de uitdoving
4 stemmen tegen
3 onbeantwoorde formulieren.

De discussie bracht de volgende uiteenlopende voorstellen op tafel:
1. Dit is een democratie, de meerderheid is voor de uitdoving, dus we doen dat gewoon.
2. Laten we het hele project van tafel vegen om verdeeldheid in het dorp te vermijden.
3. Laten we een compromis zoeken, bijvoorbeeld 2 of 3 lampen aanlaten en de rest uit.
4. Laten we een jaar testen.

Het was wonderlijk om te horen hoe mensen draaien en keren, hoe sommigen eerst voor en dan tegen waren en omgekeerd.

Tot mijn opluchting sloot de burgemeester de discussie af met de belofte dat ze een of meerdere compromisvoorstellen zou becijferen en dat de beslissing pas genomen zal worden na uitgebreide studie en overleg. Dat lijkt me in ieder geval beter dan een eenzijdige beslissing door de burgemeester, zoals dat in een naburig dorp gebeurde. Hij zet het dorp gewoon een jaar in het donker en daarna wordt er geëvalueerd.

DSCN2128

Cimetière

In dit dorp
Slapen de mensen diep

In vele lagen
Boven onder
Naast elkaar

Ze hebben een bed
Een steen
Een kruis

Of ze hebben niets
Dan koele aarde
Vergeten namen

Hier ligt de vrouw
Die met geen mens sprak

Wat verder de burgemeester
Van zeven dorpelingen
Een hond
Een kudde schapen

Geef mij een plek
Waar niemand ligt

Aan de kant daar misschien
Onder die boom
Ik houd me vast aan zijn wortels
In de zoete grond

En daar is uitzicht op een berg

DSCN4764
DSCN4757