Vuur

De wind is niet alleen vervelend. Hij doet ook goede dingen. Zo ruimt hij het bos op en schudt het dorre hout van de bomen. Dat ligt daar dan in stookklare brokjes op mij te wachten. Gisteren en vandaag heb ik zes zakken naar huis gesleurd. Ik voel me soms net een mier. Na het rapen keek ik op en zag ik de hemel in brand staan. In werkelijkheid natuurlijk nog veel mooier dan op deze foto’s.

DSCN2903 DSCN2904

Eau courante

Niet verwikkeld geraken in de onderlinge twisten in het dorp, het is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Een stom afvoerprobleem heeft me al in een lastig parket gebracht. Gelukkig is het snel opgelost geraakt. Ik heb braaf alle partijen op de hoogte gebracht van mijn verstopte afvoer. De loodgieter had er namelijk niets beters op gevonden dan een nieuwe afvoerbuis over de openbare weg te leggen. Doe de was best zonder wasmiddel, zei hij nog, want dan krijg je schuim. En dan reed hij de berg af, mij achterlatend met een afzichtelijk buizenwerk op de chemin public naast mijn huis. Ik bracht de burgemeester op de hoogte, die me meteen waarschuwde voor aangetekende brieven vanwege andere dorpsgenoten. Dus bracht ik die partij ook maar op de hoogte. En in plaats van een aangetekende brief kreeg ik spontaan hulp bij het opsporen van de ware verstopping. Het euvel is bijna opgelost, na over- en weerbezoekjes en moeilijk verstaanbare insinuaties van beide partijen. Enfin.

Niemand vindt het blijkbaar eigenaardig dat het afvoerwater zomaar ergens de natuur invloeit. Minder zichtbaar dan via de constructie van de loodgieter, maar ergens wat verderweg komt er toch schuim uit een buis. Van een biologisch afbreekbaar wasproduct hoor, dat ik dan nog met minimale hoeveelheden gebruik. Nee, dit afvoersysteem was al een hele vooruitgang. Want stel je voor, mijnheer en mevrouw Xatard, die tot voor 1989 in dit huis woonden hadden niet eens lopend water. Dat moesten ze gaan halen bij de gemeentelijke wasplaats in het midden van het dorp, ongeveer 100 meter ver. En het afwaswater, dat werd door een gat in de muur gewoon naar buiten gekiept. Recht op de chemin public. Ben ik blij, met mijn comfort.

DSCN2026

Onderaan dit rekje zit de oude spoelbak, uitgehouwen in steen, met een gat naar de straatkant.

DSCN2105

De gemeentelijke wasplaats, met ijskoud bronwater dat van de berg geleid wordt.

Klein hartje

Als er bezoek is, komt het bloggen er niet van. Verhaaltjes genoeg, die komen nog wel. Els zag met eigen ogen hoe mijn tweede serie paddestoelen van dag tot dag groeiden. Nog niet in de gewenste hoeveelheid, maar wel op de gehoopte grootte. Dag zeven waren ze klaar om opgegeten te worden. Maar Els kon het niet over haar hart krijgen. Ze had ze immers zelf zien opgroeien …

DSCN2863

DSCN2879

Cuisine

Onlangs was ik uitgenodigd bij deftige mensen die halfweg de berg wonen. Hun uitvergrote villa is zichtbaar vanuit het dal en zelf zien ze alle omliggende dorpen liggen. Omdat deze mensen verplichtingen hebben en vaak andere deftige mensen moeten uitnodigen, recepties en diners moeten geven, hebben ze heel grote vertrekken. Overal liggen tapijten en staan stijlvolle meubels. Het contrast met mijn dorpshuisje kan niet groter zijn. Maar wat was ik ’s avonds blij om in mijn kleine woonkamertje te zitten, bij mijn kleine kacheltje dat heel veel warmte geeft.

Toch permiteer ik mij ook luxe. De plaatselijke schrijnwerker & zoon plaatst op dit moment een rustieke maar comfortabele keuken. Rustiek, want iets anders zou hier niet passen en min of meer comfortabel want ik breng nogal veel tijd door in de keuken.

Vandaag moet ik mijn keuken missen, maar geen nood, ik ben al soep aan het koken op de kachel. Kwestie van schrijnwerker en zoon een beetje te verwennen. Ik moet ze lang genoeg hier houden, dat het een beetje opschiet. De loodgieter is het helaas al afgebold. Hij durfde niet te blijven, bang dat hij vast zou komen te zitten in de sneeuw.

Ja, het sneeuwt hier dus ook. En de zon schijnt ook. Het kan niet op.

L’ermite

Mijn buren zijn met vakantie, ik ben tijdelijk de enige bewoner van de dorpskern.

Ma soeur, l’ermite, grapt mijn zus wel eens. Ik lach, maar het blijft hangen. Ben ik een kluizenaar? Kluizenaars verdelen hun tijd tussen gebed, meditatie en werk, lees ik op Wikipedia. Ik ben dus geen kluizenaar. Ik bid of mediteer niet, ik werk te weinig en ik heb te veel contacten. Ik blog, en ik bel en mail bijna dagelijks naar de mensen die mij nauw aan het hart liggen.

Maar soms voel ik me toch een klein beetje kluizenaar. Op dagen als vandaag, wanneer de wind koud en onaangenaam is. Dan voel ik plots de eenzaamheid. Ze hangt rond mijn nek als een te zwaar collier.

Nochtans heb ik haar zelf gezocht. En nu ik haar heb, voelt ze soms wat ongemakkelijk aan. Tegelijk heeft ze iets verleidelijks. Alsof er diep in haar iets moois zit. Voorlopig durf ik dat nog niet te verkennen. Ik houd me vast aan de rand van de vijver. Zwemmen is voor later.

Pas méchant

Op de agenda van de gemeenteraad stond als eerste punt “la réfection du mur du parking”. Gespannen wachtte ik op het verslag, dat meestal een half uur na de raad uitgehangen wordt. Het zou immers over het muurtje gaan dat ik een aantal weken aangereden had. De rekening van het autoverhuurbedrijf heb ik al gekregen. Zou ik de schade aan het muurtje ook moeten betalen?

Het verslag was erg kort: de gemeenteraad was niet doorgegaan wegens onvoldoende aanwezigheid. Nog wat uitstel van executie.

Maar vandaag kwam de burgemeester mij vriendelijk vragen of ik mijn auto links of rechts wou plaatsen en niet in het midden van de parking. Ce n’est pas méchant, ce que je vous demande, zei hij.

Het muurtje moet hersteld worden, want er is iemand tegenaan gereden, begon hij dan. Dat was ik, gaf ik meteen toe, een beetje vertederd door zijn vriendelijkheid.

Ach, zei hij, maar daarna is er nog iemand tegenaan gereden. Het is echt een vervelend muurtje, want je ziet het niet als je aan het stuur zit. Misschien moeten we er een paal op plaatsen.

Oef, geen extra kosten meer. Ik zal maar gauw mijn autootje verplaatsen.

DSCN2573