Conseil Communal

Sinds de aanstelling van het nieuwe gemeentebestuur, heb ik me voorgenomen om de gemeenteraden bij te wonen. Het is tenslotte achter de hoek.

De eerste vergadering kon al tellen: zeven agendapunten en vijf questions divers. Bijna drie uur overleg, streng in de hand gehouden door de onovertroffen Céline.

De gemeentesecretaris lichtte het budget toe en gaf daarbij een minicursus boekhouden. Zo heb ik weer een nieuw woord geleerd: amortir (afschrijven).

Het belangrijkste en meest delicate agendapunt was de toewijzing van graaslanden aan de veehouders. Er werd een commissie aangesteld want hierover zal nog menig woord gewisseld worden.

Onder dat agendapunt viel ook mijn aanvraag – en die van mijn buur- voor een stukje grond om een moestuin aan te leggen. Dat is alvast goedgekeurd. Gratis dan nog. Ter compensatie moeten we de gemeentelijke wasplaats, waar we water mogen nemen, netjes houden.

Ook in mijn belang: een algemeen saneringsplan waaronder mijn illegaal afvoersysteem valt. De realisatie zal wat tijd vragen maar de oplossing is in zicht.

En dat er een voorstel uitgewerkt wordt om de dorpslichten ’s nachts te doven, doet me ook plezier.

Na afloop werd er natuurlijk een glaasje gedronken. Ik kijk al uit naar de volgende conseil.

Voor Ton

Toevallig kreeg ik dit gedicht op zijn verjaardag.

Toevallig van Hans Warren, van wie ik een gedicht koos voor het rouwkaartje.

Ik geloof niet in geregisseerd toeval. Soms vallen de dingen gewoon mooi toe.

 

 

 

Vroeger

 

Vroeger met de zuidenwind

ontving ik soms een boodschap

geur uit je straat, stof van je drempel.

 

Of met de noordenwind

gaf ik een vogel mee

die een woord voor woord geleerde lofzang floot.

 

Er waren veel wegen en schepen

en de aarde draaide gewillig,

hier jij, daar ik.

 

Toen je pas verloren was

bleven er veel denksystemen

en berekeningen om in te nemen

als slaapmiddel.

 

Later het gevecht met de taal.

Bezweren je leeft en ik heb je nog lief,

want ik zeg het.

 

Weer later kwam je alleen

in de windstilte van de slaap

soms naast mij liggen.

 

Nu de wind van alle kanten komt

ontvang ik vaak een boodschap

geur uit je straat, stof van je drempel.

 

Hans Warren (1921-2001)

Sous-prefecte

Om 10 u zou ze aankomen.

Om 11 u ging ik mijn post ophalen. Er ligt maar zelden iets in mijn brievenbus, maar het gaf me een gelegenheid om een glimp op te vangen van het hoog bezoek.

Op het pleintje voor de mairie stonden de maire en haar twee adjoints te wachten. De vorige burgemeester, nu tweede adjoint, had voor de gelegenheid een nette broek aangetrokken. De anderen zagen eruit alsof ze meteen na het bezoek verder zouden gaan met schapen hoeden of in de moestuin werken.

De auto van de sous-prefecte was telefonisch gesignaleerd op de slingerweg tussen Rigarda en Glorianes door de boer, echtgenoot van de eerste adjoint. Hij wist te vertellen dat de sous-prefecte vooraan naast de chauffeur zat en dat ze er lichtjes verontrust uitzag.

Terwijl we stonden te wachten, vertelde de burgemeester over haar eerste diplomatiek incident. De chauffeur van de sous-prefecte had haar gebeld om de weg te vragen en zij had, geheel volgens protocol, naar de naam en familienaam van de beller gevraagd. Hij had geweigerd om die te geven en dus had zij geweigerd om de gevraagde informatie te geven.

We hoorden motorgeronk en even later kwam een blinkende zilvergrijze auto het pleintje opgereden. Zoals gewoonlijk ontging het merk van de wagen mij. Het was in ieder geval iets dat past bij een hoge functie en hij zal wel van Franse makelij geweest zijn.

De sous-prefecte zat inderdaad naast de chauffeur en ze zat kaarsrecht op haar stoel alsof ze de hele tijd mee de weg in het oog had moeten houden. De chauffeur sprong uit de auto en liep snel naar de andere kant om haar eruit te helpen.

Ik had willen blijven, maar ik hoor nu eenmaal niet bij het gemeentebestuur. Ik wenste hun veel geluk en maakte mij uit de voeten.

Achteraf had ik toch een beetje spijt dat ik haar als gewone dorpeling niet mee verwelkomd had. Ik stel me zo voor dat ze in het eerste kwartier het incident met de chauffeur zullen uitgeklaard hebben. Daarna waren er een paar lastige dossiers te bespreken. Onze nieuwe burgemeester heeft een snelle start genomen. Er wachten ons boeiende tijden, denk ik.

Ambitie

Een uurtje avondwandeling had ik gepland.

Maar toen ik bij de mairie de weg naar het bos wou nemen zag ik dat de deur openstond. Even naar binnen piepen en daar trof ik onze nieuwe burgemeester aan met een emmer en een spons in haar handen.

‘Is dat nu je werk?’ vroeg ik.

‘Helaas ook’, zuchtte ze. Morgen krijgt ze bezoek van de sous-prefecte van Prades en het gemeentehuis ziet eruit alsof er de afgelopen zes jaar geen enkele keer gepoetst werd.

Het uurtje avondwandeling werd dan maar een paar uurtjes stofzuigen en dweilen met de Franse slag. We kregen nog versterking van eerste adjoint Ketty.

Vorig jaar heb ik de openbare wasplaats, de telefooncel en de kerk gepoetst. Nu heb ik er ook nog het gemeentehuis bij. Volgende zomer misschien de gîte communale. Dan heb ik alle openbare gebouwen van Glorianes gehad.

Ik ambieer nog steeds de post van sleutelbewaarder van de kerk. Er is hoop.

DSCN2121 DSCN2126

Dépouillement

Klokslag achttien uur kon er geteld worden. Er waren eenentwintig kleine grijze enveloppes, die een voor een werden geopend. In elke enveloppe dezelfde (de enige) lijst, geen enkele naam doorstreept. De uittredende burgemeester toonde ze telkens aan het publiek en riep daarbij: ‘liste entière’! Om kwart over zes werd er geapplaudisseerd en ploften de champagnekurken tegen het plafond.

De eenentwintig stemmen kwamen niet allemaal van inwoners. Mensen die langer dan vijf jaar eigenaar zijn van een huis of een stukje grond in het dorp mogen ook stemmen.

Zaterdag zal bij de aanvang van de eerste nieuwe gemeenteraad de burgemeester worden gekozen. Hoogstwaarschijnlijk krijgen we een vrouwelijke maire. Ik koester met haar voorzichtig hoop voor dit verdeelde dorp. Voor de rest van het land zie ik het wat somber in.