Sinds de aanstelling van het nieuwe gemeentebestuur, heb ik me voorgenomen om de gemeenteraden bij te wonen. Het is tenslotte achter de hoek.

De eerste vergadering kon al tellen: zeven agendapunten en vijf questions divers. Bijna drie uur overleg, streng in de hand gehouden door de onovertroffen Céline.

De gemeentesecretaris lichtte het budget toe en gaf daarbij een minicursus boekhouden. Zo heb ik weer een nieuw woord geleerd: amortir (afschrijven).

Het belangrijkste en meest delicate agendapunt was de toewijzing van graaslanden aan de veehouders. Er werd een commissie aangesteld want hierover zal nog menig woord gewisseld worden.

Onder dat agendapunt viel ook mijn aanvraag – en die van mijn buur- voor een stukje grond om een moestuin aan te leggen. Dat is alvast goedgekeurd. Gratis dan nog. Ter compensatie moeten we de gemeentelijke wasplaats, waar we water mogen nemen, netjes houden.

Ook in mijn belang: een algemeen saneringsplan waaronder mijn illegaal afvoersysteem valt. De realisatie zal wat tijd vragen maar de oplossing is in zicht.

En dat er een voorstel uitgewerkt wordt om de dorpslichten ’s nachts te doven, doet me ook plezier.

Na afloop werd er natuurlijk een glaasje gedronken. Ik kijk al uit naar de volgende conseil.