… fotografeerden mijn dorpsgenoten dit lieflijke tafereeltje:


… fotografeerden mijn dorpsgenoten dit lieflijke tafereeltje:


Na Spanje heeft de storm Gloria ook Glorianes bereikt. We zijn er min of meer onvoorbereid ingerold. We, dat zijn Els en ik, want ze kwam zondag met me mee (na mijn weekje Antwerpen) om hier haar vakantie door te brengen. Het plan was om maandagochtend meteen boodschappen te gaan doen om de lege gasfles in te wisselen voor een volle, de voorraden aan te vullen en wat lekkere extra’s te kopen om haar verjaardag te vieren.
Maar maandag begon het te sneeuwen en stelden we de boodschappen uit tot de volgende dag. Dinsdag lag er een halve meter sneeuw voor de deur en was de weg nog niet geruimd. Het begon heel hard te regenen en de sneeuwlaag veranderde is een sorbetachtige brij. Het regent nog steeds. Hier en daar begint het naar binnen te sijpelen, maar we hebben nog geen ‘piscines’ zoals bij sommige buren.
Vandaag zouden we in het gemeentehuis de jaarlijkse Galette vieren, een soort driekoningenfeest, waar bij ritueel amandeltaart, met een boon erin, en cider genuttigd worden: afgelast.
Bij de buren staat het kippenhok onder water, op de vensterbank moeten de vogels de zonnebloempitten uit het water vissen en Cacahuète doet een soort winterslaap op de sofa, of kruipt eronder als het dondert.
Voor Els is het best vervelend. We kunnen niet gaan wandelen, op het internet (dat er voorlopig gelukkig nog is) raakt ze uitgekeken en haar sudokuboekje is bijna vol.
Zelf hou ik wel van een beetje uitdaging: de voorraad inspecteren, improviseren met wat er nog is en koken op de houtkachel. Vanavond eten we Indiase daal met kleefrijst. En delen we het laatste restje wijn.


Nog even wachten eer we de baan nemen…
Gisteren hoorde ik nog net de laatste tien minuten van Touché met Stephan Vanfleteren. Die tien minuten waren genoeg om me weer eens te inspireren. Dank u, Radio 1. Vanfleteren had het over zijn foto’s van dode dieren.
Het kijken naar de dood, zei hij, doet ons beseffen hoe bijzonder het leven is.
Ik dacht meteen aan de dode vos die ik de vorige dag in het bos vond. Hij zag er zo mager uit. Hij had geen wonden, waarschijnlijk was hij ziek. Ik vroeg me af hoe zijn laatste uren waren geweest. Ik liep verder en keerde op mijn passen terug. Ik maakte twee foto’s. Ik wist niet waarom ik dat deed.
Nu weet ik het wel.
Het nieuwe jaar is voor mij begonnen met een schijnbaar banaal, maar toch erg lief compliment. Net als vorig jaar was ik op nieuwjaarsdag uitgenodigd bij dorpsgenoten. Voor de gelegenheid trok ik een goudkleurige trui aan, een opzichtig kledingstuk dat ik nooit van mijn leven gekocht zou hebben als ik me niet in een zwak moment had laten overhalen door een getalenteerde verkoopster. Ik kocht de trui in de winter van 2018 en ik durf hem alleen in de kerst- en nieuwjaarsperiode dragen. Het grappige is dat ik er overal complimentjes over krijg. Kassiersters in de supermarkt, de verkoopster in de bakkerij, de postbediende, ze vragen allemaal waar ik die trui vandaan heb en ze zeggen ook nog eens dat hij mij heel goed staat. Ik moet bekennen dat dit me enigszins over mijn gène helpt en dat ik het zelfs leuk vind om op die manier aangesproken te worden.
Omdat de feesttijd naar het einde toe begint te bollen, trok ik de glittertrui gisteren nog eens aan. Ik verwachtte wel iets van commentaar, maar het compliment dat ik kreeg verraste me toch.
‘Mais regarde-là!’ riep buurvrouw Josette uit, ‘elle est belle comme un camion!’
Toen ze mijn verbaasde blik zag, verzekerde ze me dat de uitdrukking ‘belle/beau comme un camion’ echt bestaat. Josette is op andere momenten ook taalkundige en mijn lerares Frans.
Ik geloofde haar, maar ik ben het toch nog even gaan opzoeken. En jawel, verschillende bronnen vermelden het ontstaan van de uitdrukking in het midden van de twintigste eeuw.
De uitdrukking heeft zich intussen in mijn taalgevoelig hoofd genesteld. Vanmorgen heb ik het eerste brood van het nieuwe jaar gebakken. Het is ‘beau comme un camion.’
En laat ik jullie nu allemaal een prachtig nieuw jaar wensen:

Foto: Nabat Art Gallery – Folk Truck Art From Pakistan
En op algemeen verzoek:

Mijn huisje is vrij:
Voor last-minute-vakantiegangers: van 12 tot 19 januari.
Voor een langere periode: van 7 maart tot 6 april (korter kan ook).
Wie interesse heeft stuurt mij een e-mail.

Hadjira Hussain Khan publiceerde als eerste een interview over Colombe op de website van Stampmedia.
Colombe is nu een echt boek, met een omslag, en 230 bedrukte pagina’s. Ik moet er af en toe aan voelen en ruiken om het te geloven.
En het ligt in de etalage!

Binnenkort ook op de schappen van Cronopio, De Groene waterman, Fnac en De Standaard boekhandel. En nu al online te bestellen bij Ako en Bol.
Maar als je de enige, unieke LGBTQ-boekhandel in Vlaanderen wil steunen, dan bestel je het bij Kartonnen Dozen.
Dank aan alle lieve mensen die op de boekvoorstelling waren. Hier kunnen jullie de foto’s bekijken.
En wie die gezellige avond gemist heeft, kan op Colombe’s blog het verhaal lezen en de foto’s bekijken.
Vanmorgen viel de stroom uit. Dat gebeurt hier vaker, zeker als het onweert. Maar nu was het een aangekondigde onderbreking. De aankondiging was ik vergeten, maar toen het licht uitging herinnerde ik het mij. Ze was per brief en ook nog eens per e-mail gekomen.
De onderbreking begon later dan er in de brief stond en ik veronderstelde dat ze niet langer zou duren dan vermeld. Ik keek naar mijn to-dolijstje en zocht naar iets waar ik geen elektriciteit voor nodig had.
Ik breide een paar rijen aan een wintertrui met dikke priemen, ruimde de woonkamer op en ging tenslotte onder het dakraam zitten, waar genoeg licht was om te schrijven.
Terwijl ik met een potlood in een gelijnd schrift letters tekende, viel het mij plots op hoe stil het in huis was. Geen ruis in de computer, geen gezoem van de koelkast, alleen het tikken van de klok en het fluiten buiten. En hoe zacht het licht.
Ik hoopte dat de mannen of vrouwen van de elektriciteitsmaatschappij nog wat tijd nodig hadden en ik nam me voor om later, als er weer stroom zou zijn, af en toe alles uit te zetten.
Maar toen het licht aansprong, lag mijn vinger binnen een paar seconden op de aan-uitknop van mijn computer. En nu heb ik heimwee naar dat uurtje zonder.

