Intussen in Frankrijk -14

 

Net als aan de kust en in de steden is het nu stil in het dorp. Nog stiller dan anders. Er passeren minder auto’s, er komen geen wandelaars of fietsers meer. Het onsympathieke bord bij de ingang van het dorp mist blijkbaar zijn effect niet. Het kan ook zijn dat de auto’s in het dal door de politie er al van weerhouden worden om naar de bergdorpen te rijden.

De jacht is stilgelegd. Op woensdag, zaterdag en zondag horen we geen geweerschoten en geen hondengeblaf meer. Een enkele keer was daar wel eens het hartverscheurend geschreeuw van een gewond everzwijn bij. Ik ben blij dat dit nu even uitblijft.

De dieren zijn ook blij. Ze wagen zich dichter bij het dorp. De wilde zwijnen woelen van puur plezier de aarde nog grondiger om dan anders. Alsof ze willen zeggen: wij zijn hier en we zijn met velen. Van mij mag het, zolang ze maar uit de moestuin blijven.

De haas die ik bijna elke ochtend in het dennenbos bij Vila Seca zie, heeft zijn territorium uitgebreid. Soms zie ik hem al vanop de asfaltbaan.

Een paar dagen geleden zag ik twee jonge Pyrenese gemzen op amper twintig meter vanwaar ik stond. Een beetje vreemd want deze dieren leven normaal gezien op 2000 meter hoogte en ons dorp ligt maar op 800 meter hoogte, de omliggende bergkammen bereiken zo’n 1300 meter hoogte. Alsof de dieren zich afvragen wat er aan de hand is, en een kijkje komen nemen.

 

20200403_121843

20200403_121911

De speeltuinen van de everzwijnen

 

 

 

Intussen in Frankrijk – 5

Wanneer ik op vakantie ben geweest, doe ik meestal de volgende dag boodschappen. Even naar de biowinkel en naar de supermarkt in Prades, de koelkast en de voorraadkast aanvullen en hup, ik kan weer een weekje op de berg blijven.

Dat was ik ook van plan nadat ik vorige maandag halsoverkop vanuit België terug naar huis was gereisd. Maar de dag erna ging de ‘confinement’ in en ik besloot nog een paar dagen te wachten. Ik had geen zin om me tussen de hamsteraars te begeven. Ik keek rond in de keuken, inspecteerde de diepvriezer en onderzocht de moestuin op oud en nieuw groen en ik besloot dat ik nog kon wachten tot na het weekend om boodschappen te doen.

En nu is het zondagavond, ik zou morgen gaan winkelen, maar ik vond het creatief koken deze week zo fijn, dat ik ga proberen om het tot 1 april uit te houden. En echt moeilijk zal dat niet zijn: in de diepvriezer heb ik lams- en rundsvlees van de dorpsboerderij, in mijn voorraadkast ontdek ik allerlei dingen waarvan ik het bestaan vergeten was en die nog niet over de houdbaarheidsdatum zijn, en in de tuin staan nog prei en selder die ik in het najaar geplant heb en schieten jonge plantjes op van uitgezaaide sla en snijbiet.

De enige dingen waarover ik twijfelde waren boter, eieren, melk en kaas. Ik heb nog een dobbelsteen boter, vier eieren, twee halve liters melk, een stukje parmezaan en een stukje emmentaler. Een paar dagen geleden dacht ik nog dat ik die zuivelproducten echt nodig had, maar nu denk ik: als ik met alles heel zuinig omga, haal ik 1 april wel en anders moet het maar zonder. Ik vind het zelfs grappig om te merken hoe sommige dingen na een tijdje minder onmisbaar blijken te zijn dan eerst gedacht.

Ik heb ook geen vers fruit in huis, maar wel rozijnen, abrikozen, walnoten en hazelnoten en ook nog vijgen in de diepvriezer.

Vanmorgen heb ik een brood gebakken en ik heb nog genoeg bloem voor een tweede brood later op de week. Onze burgemeester vroeg me trouwens mijn recept van brood-zonder-kneden. Ze liet me ook weten dat ze drie legkippen heeft gekocht en dat ik over een paar weken eieren bij haar mag halen. Allemaal via WhatsApp want zij houdt zich voorbeeldig aan de regels.

Ze stuurde ook een filmpje rond waarin ze laat zien dat ze eigenhandig een das heeft gevangen. Ze heeft hem in een kooi gezet en hem een paar kilometer buiten het dorp weer vrijgelaten. Goed van haar, voor onze moestuinen, en ook voor de das. Want hij zou de eerste niet zijn die door de buurman doodgeschoten wordt.

Vanavond heb ik risotto gemaakt zonder witte wijn en boter, en toch was hij lekker. Ik denk erover om mijn kookblog nieuw leven in te blazen. Want nu is het echt koken uit de kast.

20200319_132333

Wildplukslaatje met vogelmuur, navelkruid, rucola, walnoten en goudsbloemblaadjes.

 

 

 

 

Verslaafd

Het is halfzeven. Over een klein uurtje gaat het donker over in licht en ik heb me voorgenomen om deze ochtend niet te gaan wandelen. Ik wil namelijk de draft voor dit bericht schrijven, maar ik weet niet of ik op mijn stoel zal kunnen blijven zitten. Ik ben namelijk verslaafd. Aan wandelen.

Het is een paar maanden geleden begonnen. Ik wandelde eerder al graag, blijkbaar had ik aanleg. En toen ik na lang zoeken een kinesitherapeute vond die me van mijn chronische rugpijn afhielp, hielp ze me meteen ook aan een nieuwe verslaving: ze raadde me aan om dagelijks een half uurtje stevig te gaan wandelen.

Dat ben ik beginnen doen en het hielp, samen met de behandeling, een intensieve manier van stretchen. Ik loop en zit nu met rechte rug en ik houd nog ongeveer vijf procent over van de chronische pijn die ik drie jaar lang dagelijks meesleepte.

Ik wandel elke ochtend, weer of geen weer. Zo gauw het buiten licht wordt, schiet ik mijn wandelkleren en -schoenen aan en ga ik de deur uit. In de zomer is dat soms al om halfzes. Nu zitten we aan halfacht. Ik kies dan naargelang het weer en de rest van mijn dagprogramma een van mijn drie trajecten: ik heb er eentje van twintig minuten, een van drie kwartier en een van een uur.

Als ik ’s morgens om een of andere reden niet heb gewandeld, dan doe ik het in de loop van de dag of ’s avonds. Dikwijls ga ik twee keer per dag. Soms heb ik zin in een derde keer, maar ik probeer het niet uit de hand te laten lopen.

Van elke tocht breng ik iets mee naar huis. Dat kunnen appels of noten zijn, paddenstoelen, takjes tijm of munt, denappels om de kachel aan te steken of afgevallen takken om te hakselen. Of soms alleen maar een idee, dat ik dan het liefst meteen uitvoer of anders noteer.

Ik kom ook elke dag dieren tegen: de dorpskatten, een slang of een pad op de straat, ritselende vogels in de struiken, schapen, koeien, een haas, een vos, wegvluchtende herten, gemzen of everzwijnen.

Vorige zondag kwam ik een mens tegen. Ze liep in pyjama met haar hond langs het twintigminutentraject. Ik herkende haar, het was Michèle, een vriendin van onze burgemeester. Ze vertelde dat ze tijdelijk bij Céline logeerde omdat ze geen huis meer had. Ze had alles weggedaan want ze vertrok de volgende dag voor onbepaalde tijd naar Martinique. Haar relatie was op de klippen gelopen, ze had haar werk opgezegd en ze wilde doen waar ze al lang van droomde: alles achterlaten en opnieuw beginnen. Ze vroeg of ik geen hinder had ondervonden van het luidruchtige afscheidsfeestje dat ze de avond tevoren hadden gehouden. Niets gehoord, zei ik. En of ik het pad kende dat een lus maakt, vroeg ze, want dat had ze als kind samen met Céline gelopen. Zeker, zei ik, en ik veranderde mijn twintigminutenplan in een tocht van een uur. Michèle, in pyjama, en hond Nora gingen mee. Onderweg vertelde ze haar plannen: ze is verpleegster en ze wil daar werk zoeken, misschien eerst vrijwilligerswerk.

Van deze wandeling nam ik alleen de herinnering aan Michèle en Nora mee naar huis. En het voornemen om te blijven wandelen, ook als ik op reis ben. Want in de steden zijn geen bossen, maar wel straten en parken, en ook dieren en mensen.

20191005_082849

Gouden randjes

Van de rubriek Silberstreifen van Le Petit Requin word ik elke weer keer vrolijk en dan denk ik: zoiets moet ik ook doen, de mooie momenten vangen en verzamelen in een overzichtje. Hier zijn er een paar.

 

 

 

 

20190804_204614

Elke avond gratis cinéma.

20190731_154034

Alle dagen fruitijsjes.

20190803_201655-1De tuin die ondanks de hitte en de droogte hard zijn best doet.

20190713_193121Een koor in ons kerkje.

20190713_204724Feestje achteraf.

20190712_211516Cacahuète en Diogène bewaken het fort.

20190809_154826Abrikozenseizoen (recept clafoutis).

 

20190708_110316Drie keer per week blovelplezier.

 

En vandaag ontbijt met heksenboleet, die paddenstoel die blauw uitslaat als je hem doorsnijdt. Nog even van geprofiteerd, want morgen reis ik naar een land waar je geen paddenstoelen mag plukken.

Dierenkerkhof

Sapphir is nu op het dierenkerkhof achteraan in de tuin van de familie C. Vader René (81) had een mooie put gegraven. Ze ligt naast Félicie, de kat van Marie en Josette.

Vanmiddag ben ik nog even gaan kijken. Vader René was net met de kippen op wandel. Hij drukte mij op het hart dat ik altijd op bezoek mag komen. Ook als ze niet thuis zijn.