Sinds onze telefooncel weggehaald werd, voel ik me afgesneden van de wereld. Dat heeft eigenlijk niets met die telefooncel te maken, maar het verdwijnen van de cabine lijkt wel symbolisch voor het wegvallen al onze communicatiekanalen.

Eerst begon het SFR-netwerk te haperen. In de vier en een half jaar dat ik hier nu woon heb ik nooit problemen met de telefoonverbinding gehad. Maar een paar maanden geleden begon ik te merken dat ik niet altijd, en vooral niet overal verbinding had. Eerst kreeg ik storingen binnenshuis. Het was plots gedaan met rondwandelen, met één hand de boeken op hun plaats duwen of de keuken opruimen en ondertussen verder babbelen in het toestel in mijn andere hand. Nee, ik moest op de oude bureaustoel, op mijn plekje voor het raam blijven zitten en vooral niet bewegen. In het begin was dat lastig, maar het wende. Een tijdje later bleek dat de momenten waarop ik binnenshuis kon bellen korter en zeldzamer werden. Als ik dringend iemand wou spreken, moest ik naar buiten gaan. Als ik geluk had, kreeg ik op het terras beneden verbinding, en als dat niet werkte, moest ik naar de moestuin. Een mens past zich aan: ik belde alleen nog als het echt nodig was en met mijn ‘intimi’ verbond ik me via whatsapp of skype.

Want toen werkte het internet nog. Sinds gisteren niet meer. Hopelijk duurt het deze keer geen twaalf dagen, want na één dag word ik al behoorlijk onrustig. Gelukkig schijnt vandaag de zon, dat geeft hoop. Ik ben namelijk klant bij een lokaal internetbedrijfje dat een antenne heeft staan op de tegenoverliggende berg. Die antenne wordt gevoed met zonne-energie. Vandaar de panne. De zon heeft al een paar dagen niet meer geschenen en er waait al een week een ijskoude wind. En net als die antenne heb ik gebrek aan licht en voel ik de jaarlijks terugkerende winterdip op de loer liggen.

Maar er zijn ook goede kanten aan het even afgesneden zijn. Gisteren heb ik mijn stoute schoenen en een dikke jas aangetrokken en ben ik onaangekondigd bij mijn favoriete dorpsgenoten binnengevallen. We hebben samen Hoegaarden gedronken bij hun splinternieuwe en van katoen gevende kachel. Daarna heb ik een paar boeken uitgelezen waarin ik halfweg was blijven steken. En nu komt het er eindelijk van om eens een wat langere blogtekst te schrijven. Elk nadeel heeft toch altijd weer een voordeel.

De zon schijnt nog steeds. Hoe lang zou het duren eer zo’n zonnebatterij weer opgeladen is?

(Als jullie dit lezen, is het probleem opgelost. Oef.)