De grote hazelaar die net niet bij het voedselbos hoort, maar waarvan de takken over de omheining hangen, heeft dit jaar heel wat mooie hazelnoten van zich afgeschud. Ik heb ongeveer vijf kilo noten kunnen rapen. Het hadden er meer kunnen zijn, maar een groot deel was al gekraakt voor ik de kans kreeg om ze op te rapen. Dat doen de everzwijnen. Ze zijn dus aan de rand van het voedselbos geweest, maar gelukkig zijn ze tot nu netjes buiten gebleven. Ook de dassen blijven voorlopig weg.

Slakken en kevers hebben zich deze zomer te goed gedaan aan sla en snijbieten, maar er was genoeg voor ons allemaal.

En stilaan ontdek ik meer en meer middelgrote diertjes. In het heetste van de zomer vond ik een half uitgedroogde pad tussen de aardappelen. Hij of zij liet zich gewillig douchen en kroop daarna weer onder de mulch. Voor hazelwormen voel ik voorlopig niet zoveel sympathie. Maar voor deze  smaragdhagedis haalde ik wel meteen mijn camera boven. Is ze niet prachtig? Het is een vrouwtje, denk ik.

 

20170916_141723